Carmenère, Carmeynere of Grande Vidura?

Carmenère, Carmeynere of Grande Vidura?

Ken jij de signatuurdruif van Chili? Ooit een Frans verhaal, nu een wereldster door superieure wijnbouw en een perfect klimaat. Ontdek de geschiedenis van de Carménère druif (mag ook als Carmenère geschreven worden).

Carménère, Carmeynere of Grande Vidura?

Toen wijnboeren in 1850 voor het eerst wijnstekjes meenamen naar Chili van de Carménère, waren ze zich er vast niet van bewust dat ze vandaag de dag tot één van de 5 belangrijkste druivenrassen van Chili zou gerekend mogen worden. Waar ze zich ook niet van bewust waren, is dat ze Carménère mee hadden. Vele jaren werd er namelijk gedacht dat het om de Merlot druif ging. Het is pas aan het einde van de vorige eeuw dat een paar Chileense wijnbouwers zich afvroegen hoe het kwam dat er tussen hun Merlot druivenranken verschillen waren. Er stonden namelijk anders ogende stokken tussen, en de vruchten van die stokken rijpten ook opmerkelijk later dan de rest. De eerlijkheid gebiedt me, om hier wel even bij te vermelden dat er gedacht wordt dat de Chileense wijnbouwers het al langer wisten, maar het angstvallig geheim hielden om een schandaal te vermijden. Pas eind vorige eeuw, waren er een paar durvers die ook de voordelen begonnen in te zien en interessante mogelijkheden begonnen te testen.

Carmenere-kurk

Een woelige geschiedenis.

Carménère is van oorsprong wel degelijk een Franse druif, een oude variëteit uit de Gironde meer bepaald, waar al in 1783 in het plaatsje Bergerac in de Dordognestreek melding van werd gemaakt onder de naam Carmeynere. Lang werd er dan ook gedacht, dat zij een variant was van de Merlot druif. Pas na DNA onderzoek, kwam er aan het licht,  dat het om een kruising gaat van Cabernet Franc en Gros Cabernet. Die laatste wordt trouwens niet meer verbouwd.

Doordat Carménère zeer ziektegevoelige en moeilijk te cultiveren is, maar ook veel zonuren nodig heeft, kreeg het in de Bordeauxstreek al snel het imago van enfant terrible. Vele oogsten mislukten dan ook in Frankrijk door de Coulure (=Bloesemval die uiteindelijk leidt tot geen of misvormde druiven). Daarbij komt nog eens dat dit ras laat-rijpend is met een relatief lage opbrengst. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de druif bijzonder hard geraakt werd in de Bordeaux door de Phylloxera (Druifluis) in de eindjaren van de 19 de eeuw. Hierna hebben dan ook veel Franse wijnboeren hun rug gekeerd naar de Carménère. Gelukkig voor ons was ze toen al naar Chili verhuisd.

Carménère gedijt dan ook, net zoals andere druiven, uitstekend in het warme klimaat van Chili. Hier hebben ze door hun geïsoleerde ligging trouwens nooit last gehad van de druifluis, waardoor ze hier nooit geënt werden op Amerikaanse “druifluis resistente” onderstammen zoals in de rest van de wereld. Chili beschikt dan ook over de oudste wijnstokken uit één stuk.

Vandaag vinden we hier circa 7000 hectare van de Carménère druif aangeplant. Heel wat meer dan in zijn geboorteland, waar ze vandaag nog slechts 21 hectare hebben. Andere landen waar ze ook nog (terug) gebruik maken van deze druif zijn Californië, Australië en Nieuw Zeeland. O ja, we mogen China zeker niet vergeten aangezien ze daar in de Chinese provincie Shandoing in het plaatsje Jaoidong reeds over 15.000 hectare beschikken wat toch al aanzienlijk meer is als in Chili. Misschien willen zij deze wel als nationale druif claimen in de toekomst. Wie rondbazuint dat er in Noord Italië nog steeds Carménère ranken staan tussen hun Merlot, zou ik niet met 100% zekerheid een leugenaar kunnen noemen.

 

Terug naar Chili.

Het is Viña Carmen die in 1996 een monocépage (= wijn van 1 druif) van de Carménère druif op de markt brengt. Nu ja, monocépage is een groot woord, aangezien er in Chili tot 15% andere druiven mogen gebruikt worden in een monocépage. Meestal gebruiken ze dus een klein percentage Syrah en Petit Verdot in deze wijnen.  Toch kreeg deze eerste Carménère druif de naam “Grande Vidura”, aangezien het nog tot 24 november 1998 duurde, voor dat de Carménère druif werd erkend en goedgekeurd door het ministerie van agricultuur. 24 November 2018 is het dan ook Carménère dag. De twintigste verjaardag van dit pareltje als erkende onafhankelijke druif in Chili.

Het is onmiskenbaar dat Chili de grootste successen haalt met deze druif als “monocépage”, terwijl ze in andere landen en streken meestal gebruikt wordt als ondersteunende druif in blends.

De beste wijnen komen dan ook meestal uit de Cachapoal en de Colchagua vallei. Bij wijnen die van druiven uit de beide valleien gemaakt is wordt meestal ” Rapel Valley “ op het etiket vermeld.

 

Kenmerken

Zoals reeds eerder vermeld, is de Carménère druif een laat rijpende druif.  De druif zorgt voor zeer donkere wijnen met een aroma van zwarte bes, pruim, viooltjes, tabak, kers en roos.  Wanneer we met rijpere Carménère wijnen te maken krijgen valt het  aroma van chocolade ook meteen op.

Wanneer we zwarte peper, zoethout , kruidnagel en koffie merken in het aroma, hebben we te maken met een houtgerijpte Carménère, wat veelvuldig wordt toegepast.

In de mond krijgen we een mooie fruitige en kruidige wijn, soms zelfs wat peperig, die toch zacht en mooi afrond met wat toetsen van koffie en chocolade.

Reacties

Wees de eerste om te reageren...

Laat een reactie achter
* Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.
* Verplichte velden
Wij slaan cookies op om onze website te verbeteren. Is dat akkoord? Ja Nee Meer over cookies »